Celibaat

CelibaatEen priester of seminarist kan niet volstaan met het aanvaarden van het celibaat als iets wat er nu eenmaal bij hoort. Het is een levenskeuze die nauw samenhangt met de betekenis van het priester­schap. De Kerk heeft de celibaatsverplichting van de priesters door de eeuwen heen bewaard.

Sinds de zestiger jaren van de vorige eeuw, hebben vele discussies over de celibaatsverplichting plaatsgevonden. Het ‘Pastoraal concilie van de Nederlandse Kerkprovincie’ besloot in 1970 dat het celibaat niet meer als voorwaarde moest worden gesteld voor de ambtsbediening en uitgetreden priesters terug mochten keren. Ook in andere landen was beroering rond dit thema. Deze woelige jaren liggen al weer geruime tijd achter ons.

Een leven in onthouding omwille van het rijk der hemelen is ook door deze stormen heen de priesterlijke roeping gebleven die de Kerk voorhoudt. Het is nu daarom tijd de betekenis van het celibaat opnieuw te overwegen, te zien hoe deze verplichting de wisseling van de eeuwen heeft kunnen doorstaan en hoe een vruchtbare beleving van de onthouding in onze tijd mogelijk is.

Het celibaat van de priester

Mgr. Hendriks, hulpbisschop van Bisdom Haarlem-Amsterdam, en daarvóór rector van het Grootseminarie van gelijknamig bisdom, heeft op zijn website een uitgebreid artikel geplaatst over het celibaat van de priester.