Christus’ armoede wordt onze rijkdom

Vastenboodschap van paus Franciscus

woensdag, 5 maart 2014

Beste broeders en zusters,

Nu de Vasten nadert, zou ik een paar gedachten willen aanreiken die ons kunnen helpen op onze weg naar bekering als individuen en als gemeenschap. Deze gedachten zijn geïnspireerd door de woorden van St.-Paulus: “Want de liefdedaad van onze Heer Jezus Christus hoef ik u niet in herinnering te brengen: hoe Hij om uwentwil arm is geworden, terwijl Hij rijk was, opdat gij rijk zoudt worden door zijn armoede” (2 Kor. 8,9). De apostel schreef dit aan de christenen van Korinthe om hen aan te moedigen vrijgevig te zijn en de gelovigen in Jeruzalem die in armoede leefden, te helpen. Wat betekenen deze woorden nu, voor ons christenen? Wat betekent deze uitnodiging tot armoede, tot een leven van evangelische armoede voor ons, heden ten dage?

1. Christus’ genade

Allereerst laat het ons zien hoe God te werk gaat. Hij openbaart zich niet omgeven met wereldlijke macht en rijkdom, maar veeleer in zwakte en armoede: “Terwijl hij rijk was, is hij om uwentwil arm geworden...” Christus, de eeuwige Zoon van God, één met de Vader in macht en glorie, koos ervoor arm te worden; Hij kwam onder ons en is ieder van ons nabijgekomen; Hij heeft zich van zijn majesteit ontdaan en van zich zelf om in alles aan ons gelijk te zijn (vgl. Fil. 2,7; Heb. 4,15).

VastenDe menswording van God is een groot mysterie! Maar de reden voor dit alles is zijn liefde, een liefde die genade is, vrijgevigheid, een verlangen ons nabij te zijn, een liefde die niet aarzelt om zich zelf te offeren als offer voor zijn geliefde schepsel. Naastenliefde, liefde, dat is: in alles het lot delen van degene die wij liefhebben. Liefde maakt ons gelijksoortig, het creëert gelijkwaardigheid, het breekt muren af en doet afstanden verdwijnen. Dit is wat God met ons deed. “Met menselijke handen heeft [Jezus] immers werk verricht, met een menselijke geest heeft Hij gedacht, met een menselijke wil heeft Hij gehandeld, met een menselijk hart heeft Hij liefgehad. Geboren uit de Maagd Maria, is Hij werkelijk één van de onzen geworden, in alles aan ons gelijk behalve in de zonde.” (Gaudium et Spes, 22).

Het doel waarvoor Jezus arm werd, was niet de armoede omwille van de armoede zelf, maar zoals Paulus zegt opdat gij rijk zoudt worden door Zijn armoede. Dit is niet zomaar een woordspelletje of een slogan. Nee, het is eerder een samenvatting van Gods logica, de logica van de liefde, de logica van de menswording en van het kruis. God liet onze verlossing niet uit de hemel op ons neervallen, zoals iemand die uit zijn overvloed aalmoezen geeft vanuit een gevoel van vroom altruïsme.

Christus’ liefde is anders! Toen Jezus in het water van de Jordaan stapte en door Johannes de Doper werd gedoopt, deed Hij dat niet omdat Hij berouw of bekering nodig had; Hij deed het om met de mensen te zijn die wél vergeving nodig hebben, met ons zondaars, en om de last van onze zonden op zichzelf te laden. Dit was de manier die Hij koos om ons te troosten, ons te redden, ons te bevrijden uit onze ellende. Het is opvallend dat de apostel verklaart dat wij bevrijd zijn, niet door Christus´ rijkdom, maar, door zijn armoede. Toch is Paulus zich ook heel goed bewust van “de ondoorgrondelijke rijkdom van de Christus” (Ef. 3, 8), dat Hij “erfgenaam [is] van al wat bestaat” (Heb. 1,2).

Wat is dan deze armoede waardoor Christus ons bevrijdt en waarmee Hij ons verrijkt? Het is zijn manier om ons lief te hebben, Zijn manier om onze naaste te zijn, zoals de Barmhartige Samaritaan de naaste was van de man die halfdood langs de kant van de weg was achtergelaten (cf. Luc. 10,25 e.v.). Dus wat ons ware vrijheid, ware verlossing en waar geluk verschaft, zijn het mededogen, de tederheid en de solidariteit van zijn liefde. De ons verrijkende armoede van Christus is, dat Hij het vlees heeft aangenomen en dat Hij onze zwakheden en zonden draagt als een uitdrukking van Gods onmetelijke barmhartigheid jegens ons.

Christus’ armoede is de grootste rijkdom: Jezus’ rijkdom is zijn grenzeloos vertrouwen in God de Vader, zijn geloof altijd op Hem te kunnen rekenen, zijn verlangen altijd en alleen de wil van de Vader te doen en Hem te verheerlijken. Jezus is rijk zoals een kind rijk is dat zich bemind weet en dat zijn ouders liefheeft, zonder ooit aan hun liefde en tederheid te twijfelen. Jezus’ rijkdom ligt in het feit dat Hij de Zoon is; zijn unieke relatie tot de Vader is het soevereine voorrecht van deze Messias, die arm is. Als Jezus ons vraagt zijn “juk op te nemen, dat licht is”, vraagt Hij ons ons te laten verrijken met zijn “rijke armoede” en zijn “arme rijkdom”, om deelgenoot te worden aan zijn Geest als Zoon en broeder, om zonen en dochters te worden in de Zoon, broeders en zusters in de eerstgeboren Broeder (vgl. Rom 8, 9).

Ooit is er gezegd dat de enige spijt die men kan hebben is geen heilige te zijn (L. Bloy); we kunnen ook zeggen dat er maar één soort echte armoede is: niet leven als kinderen van God en als broeders en zusters van Christus.

2. Ons getuigenis

We zouden kunnen denken dat deze ‘manier’ van arm zijn, Jezus’ manier was, want wij die na Hem komen, kunnen de wereld immers redden met de juiste menselijke middelen. Dat is niet zo. In alle tijden en plaatsen blijft God de mensheid en de wereld redden door de armoede van Christus, die zichzelf arm maakt in de sacramenten, in zijn Woord en in zijn Kerk, die een volk van armen is. Gods rijkdom komt niet tot ons via onze rijkdom, maar altijd en uitsluitend door onze persoonlijke en gemeenschappelijke armoede, begeesterd door de Geest van Christus.

In navolging van onze Meester, zijn wij, christenen, geroepen om de armoede van onze broeders en zusters tegemoet te treden, aan te raken, ons eigen te maken en praktische stappen te zetten om haar te verlichten. Misère is niet hetzelfde als armoede: Misère is armoede zonder geloof, zonder ondersteuning, zonder hoop.

Er zijn drie soorten misère: materiële, morele en geestelijke misère. Materiële misère  is wat gewoonlijk armoede wordt genoemd, en het treft hen die leven in omstandigheden die mensonwaardig zijn: hen die het ontbreekt aan wat zij fundamenteel nodig hebben en waar zij fundamenteel recht op hebben zoals voedsel, water, hygiëne, werk en de mogelijkheid om zich cultureel te ontwikkelen en te groeien. In antwoord op deze misère, biedt de Kerk haar diensten aan, haar diakonia, door deze behoeften te lenigen en deze wonden, die het gelaat van de mensheid schenden, te behandelen.

In de armen en de uitgeslotenen zien wij het gelaat van Christus; door de armen te helpen en lief te hebben, hebben wij Christus lief en dienen wij Hem. Onze inspanningen zijn er ook opgericht een einde te maken aan de schendingen van de menselijke waardigheid, discriminatie en misbruik in de wereld, want deze zijn zo vaak de oorzaak waarom men tot misère vervalt. Als macht, luxe en geld idolen worden, dan krijgen zij prioriteit boven de noodzaak van een eerlijke verdeling van de rijkdommen. Onze gewetens moeten dus worden bekeerd tot rechtvaardigheid, gelijkwaardigheid, eenvoud en delen.

De morele misère, die bestaat in de slavernij van de ondeugd en de zonde, is niet minder zorgwekkend. Hoeveel pijn wordt er in gezinnen niet geleden omdat een van haar leden – vaak een jongere – verslaafd is aan alcohol, drugs, gokken of pornografie! Hoeveel mensen zien de betekenis van het leven niet of hebben geen vooruitzichten voor de toekomst, hoevelen hebben de hoop niet verloren! En hoevelen worden er niet in de misère gestort door onrechtvaardige sociale omstandigheden, door werkloosheid, die hun hun waardigheid als broodwinners afneemt, en door een gebrek aan gelijke toegang tot onderwijs en gezondheidszorg. In dergelijke gevallen kan morele misère worden gezien als een dreigende zelfmoord.

Dit soort misère, die ook leidt tot de financiële ondergang, is altijd verbonden met de geestelijke misère die wij ervaren als wij ons afkeren van God en zijn liefde verwerpen. Als wij denken dat wij God niet nodig hebben, die zijn hand naar ons uitsteekt door Christus, omdat we denken dat wij aan onszelf genoeg hebben, dan komen we ten val. God alleen kan ons werkelijk redden en bevrijden.

Het Evangelie is het ware tegengif voor geestelijke misère: waar we ook gaan, wij zijn als christenen geroepen het bevrijdende nieuws te verkondigen, dat vergeving van begane zonden mogelijk is, dat God groter is dan onze zondigheid, dat Hij ons altijd liefheeft in vrijheid en dat wij zijn geschapen voor communio en eeuwig leven.

De Heer vraagt ons vreugdevolle boodschappers te zijn van deze boodschap van barmhartigheid en hoop! Het is aangrijpend om de vreugde van de verkondiging van dit goede nieuws te ervaren, om de schat die ons is toevertrouwd te delen, gebroken harten te troosten en hoop te bieden aan onze broeders en zusters die door duisternis worden omgeven. Het betekent: Jezus, die tot armen en zondaars is gekomen zoals een herder liefdevol zijn verloren schapen zoekt, volgen en naleven. In vereniging met Jezus kunnen wij moedig nieuwe wegen inslaan voor evangelisatie en humanitaire actie.

Beste broeders en zusters, moge de Kerk in haar geheel deze vastentijd bereid zijn  om aan allen die in materiële, morele en geestelijke misère leven, getuigenis af te leggen van de boodschap van het Evangelie, van de barmhartige liefde van God onze Vader, die bereid is iedereen in Christus te omarmen. Wij kunnen dit doen in zoverre wij Christus navolgen die arm werd en ons verrijkte met zijn armoede. De Vasten is dé geschikte tijd voor zelfverloochening; wij zouden er goed aan doen onszelf te vragen wat wij op kunnen geven om anderen te helpen en te verrijken met onze eigen armoede. We moeten niet vergeten dat echte armoede pijn doet: er is geen ware zelfverloochening zonder deze dimensie van boetedoening. Ik wantrouw liefdadigheid die niets kost en geen pijn doet.

Moge de Heilige Geest, door wie “wij berooid zijn en velen rijk maken; wij haveloos zijn en de wereld van ons is” (2 Kor 6,10), ons ondersteunen in onze besluiten en onze zorg en verantwoordelijkheid voor de menselijke misère doen toenemen, zodat wij barmhartig kunnen worden en barmhartig handelen. In deze hoop bid ik ook dat elk individuele gelovige en elke kerkgemeenschap een vruchtbare vastentijd zal hebben. Ik vraag u allen voor mij te bidden. Moge de Heer u zegenen en moge  Onze Lieve Vrouw u bewaren.

Vaticaan, 26 december 2013
Feest van de H. Stefanus, diaken en eerste martelaar

Franciscus

(Vertaling: Maranatha-gemeenschap)



Videogetuigenissen

Getuigenis van paus Franciscus
Getuigenissen van paus Franciscus
en vele anderen

Rondgang

Neem een kijkje in het Sint-Janscentrum
Neem een kijkje in het Sint-Janscentrum

Relikwie paus
Johannes Paulus II

Relikwie van paus Johannes Paulus II
Het Sint-Janscentrum mag zich
verblijden in een bijzondere band
met paus Johannes Paulus II.

Academische samenwerking

Pauselijke Universiteit Johannes Paulus II
Het Sint-Janscentrum is een academische samenwerking aangegaan met de Pauselijke Universiteit Johannes Paulus II te Krakau.




link naar de RSS Feed van de laatste nieuwsberichten meld deze pagina op Twitter meld deze pagina op Facebook