De onuitsprekelijke vreugde van de navolging van Christus

maandag, 3 maart 2014

Paus Franciscus’ preek van de dag: de Heer moge priesters en religieuzen behoeden voor de afgodendienst van ijdelheid, hoogmoed, macht en geld.

In zijn preek op 3 maart 2014 (maandag van de achtste week door het jaar) becommentarieerde paus Franciscus het evangelie van de dag (Mk 10,17-27) over de rijke jongeling, die aan Jezus vraagt: ‘Goede Meester, wat moet ik doen om het eeuwige leven te verkrijgen?’ (v. 17).

Bid voor roepingenDeze man verlangde de woorden van Jezus te horen. ‘Hij was een goed mens, want hij had van zijn jeugd af de geboden onderhouden. Een goed mens zijn was voor hem echter nog niet voldoende; hij wilde meer. De Heilige Geest spoorde hem daartoe aan’, aldus de paus. Dus keek Jezus hem liefdevol en deed hem een voorstel: ‘Ga heen, verkoop wat je bezit en geef het geld aan de armen, en je zult een schat in de hemel bezitten, en kom dan terug om Mij te volgen’ (v. 21). Toen de man dat hoorde, werd hij bedroefd ‘en ging treurig weg; want hij bezat vele goederen’ (v. 22).

‘Juist vanwege de Heilige Geest, die hem aangespoorde om Jezus te benaderen en Hem te volgen, was zijn hart onrustig; maar zijn hart was nog vervuld van iets anders, en hij had niet de moed om het te ontledigen. De jonge man heeft beslissing genomen, maar hij koos voor het geld. Zijn hart was vervuld van geld. Hij was geen dief, geen crimineel, nee, nee, nee! Hij was een goede man: hij had nog nooit gestolen, nooit! Hij had nooit iemand bedrogen; zijn geld was eerlijk verdiend. Maar zijn hart was er door bevangen, hij was op geld belust en bezat niet de innerlijke vrijheid om een keuze te maken. Het geld heeft de keuze gemaakt in zijn plaats.’

‘Hoevele jongeren bespeuren in hun hart deze ‘roeping’ om nader tot Jezus te komen, en ze zijn er verheugd om’, zei paus Franciscus, ‘ze zijn niet beschaamd om voor Jezus neer te knielen en in het openbaar hun geloof in Hem te belijden. Ze willen Christus navolgen, maar wanneer hun hart vervuld is van iets anders en ze niet de moed hebben om het leeg te maken, keren ze op hun schreden terug en hun vreugde verkeert in verdriet.’

Ook vandaag worden vele jongeren geroepen. ‘We moeten bidden dat deze jonge mensen hun hart kunnen ontledigen en dat ze het kunnen bevrijden van andere interessen en belangen. Ons gebed voor roepingen moet daarom aldus zijn:

Heer, zend ons zusters,
stuur ons priesters;
behoed ze voor afgoderij,
voor de afgodendienst van ijdelheid,
van hoogmoed, macht en geld.

Ons gebed heeft tot doel deze jonge mensen innerlijk voor te bereiden om Jezus van nabij te volgen.’

De man uit het evangelie was aanvankelijk erg goed, maar werd daarna zeer ongelukkig. Er zijn tegenwoordig vele jongeren, die het zo vergaat, zo stelde de paus vast. ‘Daarom moet vurig tot God gebeden worden:

Heer, help deze jonge mensen,
zodat ze vrij worden en geen slaven zijn;
zodat zij een hart hebben dat alleen aan U toebehoort,
zodat de roepstem van de Heer hen bereikt en vrucht draagt.

Dit is ons gebed om roepingen. We dienen veel te bidden. Maar we mogen ook altijd beseffen: de roepingen zijn er. We moeten de jonge mensen helpen om te groeien, zodat de Heer in hun hart kan binnenkomen en hun die onuitsprekelijke en grote vreugde kan schenken, die ieder mens ervaart die Jezus van nabij volgt.’



Videogetuigenissen

Getuigenis van paus Franciscus
Getuigenissen van paus Franciscus
en vele anderen

Rondgang

Neem een kijkje in het Sint-Janscentrum
Neem een kijkje in het Sint-Janscentrum

Relikwie paus
Johannes Paulus II

Relikwie van paus Johannes Paulus II
Het Sint-Janscentrum mag zich
verblijden in een bijzondere band
met paus Johannes Paulus II.

Academische samenwerking

Pauselijke Universiteit Johannes Paulus II
Het Sint-Janscentrum is een academische samenwerking aangegaan met de Pauselijke Universiteit Johannes Paulus II te Krakau.




link naar de RSS Feed van de laatste nieuwsberichten meld deze pagina op Twitter meld deze pagina op Facebook